Later, als ik groot ben, dan werk ik flexibel. Zo masseer ik op afspraak, geef ik een aantal yogalessen per week, en heb ik daarnaast een parttime baan of meerdere bestuursfuncties. Of meerdere parttime baantjes. Either way. Dat lijkt mij een fijne werkweek.

Zo’n toekomstvisie stuit op veel weerstand. Bezorgde ouders, hoogleraren die goedbedoeld adviseren om toch vooral niet mijn studie weg te gooien, vrienden die zeggen dat ik zo geen carrière kan opbouwen. Adviezen die mij echter in de overtuiging sterken dat het toch zeker wél mogelijk moet zijn.

Waarom stuit het fenomeen van flexibel werken op zoveel weerstand? Vooral wanneer ik niet van plan ben om <30 uur te gaan werken en de rest als vrijetijd te bestempelen? Integendeel. Wat als ik twee, drie of vier baantjes naast elkaar wil gaan doen? En zo misschien wel meer uren werk dan iemand die één fulltime functie vervult. Telt flexwerken dan niet mee? Tel ik dan niet mee? Draag ik daarmee dan niet bij aan de samenleving of aan mijn toekomst?

Begrijp me niet verkeerd. Ik wil graag werken. Zestig uur is wat mij betreft meer dan prima. Maar dan niet veertig uur bij één werkgever waar ik op den duur ongeïnspireerd de schijn ophoud van hard werken, terwijl ik minstens de helft van de tijd op Facebook zit. Ik wil mezelf en de bedrijven waarvoor ik werk kunnen inspireren. Inspireren met best practices, de verschillen in hiërarchie, in communicatie en in werksfeer. En mezelf geïnspireerd houden. Wat voor mij dus niet synoniem staat voor me zestig uur te storten op één focus –  waarbij een burn-out op me staat te wachten aan het eind van de rit.

Ik wil flexibel werken. Ten eerste omdat ik waarschijnlijk kapot ga op één werkplek. Ik heb veel energie, maar die is beter besteedt via verschillende kanalen dan dat er één brandpunt wordt gevonden. Ten tweede omdat ik mij op alle fronten van mijn leven wil kunnen (blijven) ontwikkelen. Het concept van een homo universalis, een breed ontwikkeld mens spreekt tot mijn verbeelding. Ten derde omdat ik fysiek werk wil kunnen afwisselen met intellectuele uitdaging op gebieden waarvoor ik academisch geschoold ben.

Tot op heden is het arbeidsleven niet of amper ingericht voor zulke baantjesjutters zoals ik ben. Je kan bijvoorbeeld niet elke werkgever koppelen aan een voor jou van toepassing zijnde pensioenfonds. Dit leidt ertoe dat je bij verschillende werkgevers een laag pensioen opbouwt. Daarna krijg je van de pensioenfondsen te horen dat je te duur bent voor hun administratie. Ergo: je valt tussen wal en schip. En dit is pas één van de vele irritante manieren waarop ons sterk hiërarchische en verouderde arbeidssysteem is ingericht.

Daarom ga ik meedoen aan ReFlexlab. Hopelijk kan ik eraan bijdragen dat het sociaal geaccepteerd wordt om flexibel te werken. Dat het gewoon wordt voor werknemers, voor werkgevers en voor de overheid. Maar vooral gewóón voor mijzelf, want flexwerken is voor mij gewoon.

Helene Phoa

Deel deze pagina

Moet je met een flexcontract ook een hypotheek kunnen krijgen?

Moet een zzp’er een uitkering krijgen als hij of zij ziek is?

Hoe bouw je als zelfstandige pensioen op?

Wie betaalt scholing als je steeds van baan wisselt en hoe zorgen we dat die wisselingen goed op elkaar aansluiten? 

Volg ons